Politie ziet forse toename cybercrime in 2020

Close-up van een vrouw die aan het typen is op een laptop

Afgelopen jaar vond er een verschuiving plaats in de criminaliteit. Internetcriminaliteit zat in de lift, terwijl traditionele vormen van misdaad zoals woninginbraken en zakkenrollerij juist afnamen. Dat is toe te schrijven aan de coronapandemie.

Dat schrijft de politie in haar jaarverslag over 2020.

Minder woninginbraken en zakkenrollerij, maar meer meldingen van overlast

We beginnen met ‘ouderwetse’ criminaliteitscijfers. Het aantal geregistreerde woninginbraken daalde in 2020 met bijna een kwart (23 procent). In deze periode halveerde zakkenrollerij bijna.

Het is niet zo dat alle vormen van traditionele misdrijven een daling vertoonden. Vorig jaar kwamen er bij de politie meer overlastmeldingen binnen. Doordat werkend Nederland massaal thuiszat, ervaarden burgers meer overlast van hun directe omgeving. Het aantal geregistreerde geluidsoverlastincidenten steeg in 2020 met 39 procent naar bijna 145.000 voorvallen.

Overlast door verwarde mensen steeg afgelopen jaar opnieuw. De politie ontving meer dan 100.000 meldingen in deze categorie. Naar eigen zeggen heeft ze daar de handen vol aan. Er is een klein lichtpuntje: de stijging lijkt af te vlakken.

Coronapandemie en online aangifte verklaren de forse stijging van cybercrime

Uit de jaarcijfers van de politie blijkt dat cybercriminaliteit in de lift zit. Afgelopen jaar kreeg de politie 127 procent meer meldingen van internetoplichting. Deze explosieve toename schrijft de politie toe aan de coronapandemie. Daardoor moeten we zoveel mogelijk thuis werken en doen we een groter beroep op digitale communicatiemiddelen. En doordat een groot aantal winkels maandenlang de deuren moest sluiten, bestelden we onze producten massaal online. Cybercriminelen speelden vorig jaar in op deze ontwikkelingen.

Een andere oorzaak die de enorme stijging van internetcriminaliteit kan verklaren, is het feit dat we sinds mei via internet daarvan aangifte kunnen doen. Gedupeerden hoeven zich niet langer te melden op het politiebureau, maar kunnen thuis vanachter hun computer een melding doorgeven. Dat verlaagt de drempel om aangifte te doen. Een ander voordeel is dat de klacht direct bij de juiste afdeling en de juiste persoon terecht komt, en wellicht sneller afgehandeld kan worden.

Vriend-in-noodfraude kost de samenleving miljoenen euro’s

De bevindingen van de politie komen overeen met onderzoek van VPNGids.nl. Wij concludeerden dat zowel in de eerste als de tweede helft van 2020 cybercriminaliteit flink toenam in ons land. Vriend-in-noodfraude, spoofing en phishing zijn de voornaamste technieken die cybercriminelen gebruiken om geld afhandig te maken van nietsvermoedende slachtoffers.

WhatsApp-fraude is een veelvoorkomende vorm van cybercriminaliteit die veel slachtoffers maakt in ons land, zo maakte de politie eerder bekend. Begin vorig jaar ontvingen agenten wekelijks gemiddeld 100 aangifte van gedupeerden dat ze via WhatsApp bedonderd waren door cybercriminelen. Tussen april en augustus steeg dat aantal naar 700. Het aantal aangifte daalde daarna weer enigszins.

De Fraudehelpdesk bevestigt dit beeld. Tot en met november kreeg de instantie meer dan 11.000 meldingen van WhatsApp-fraude binnen, ruim vier keer zoveel als in heel 2019. Experts schatten dat de financiële schade afgelopen jaar uitkwam tussen de 3,5 miljoen en 4 miljoen euro. De totale schadepost van betaalfraude kost de Nederlandse samenleving naar schatting meer dan 20 miljoen euro. Om het tij te keren lanceerde de politie in oktober een landelijke preventiecampagne om mensen meer bewust te maken van betaalfraude.

Phishing maakt eveneens vele slachtoffers

Phishing veroorzaakt eveneens veel financiële ellende en leed in ons land. Criminelen proberen op slinkse wijze zoveel mogelijk persoonlijke gegevens buit te maken. Slachtoffers worden via een malafide link in een e-mail, WhatsApp- of sms-bericht doorgestuurd naar een webpagina waar ze hun gegevens moeten invullen. Deze nepsites zijn vaak niet van echt te onderscheiden. Argeloos vullen mensen hier hun persoonlijke informatie in. Als hun bankrekening is leeggeplunderd komen ze er vaak achter dat ze de dupe zijn van een hacker. Het kwaad is dan al geschied.

Of slachtoffers hun schade vergoed krijgen, hangt af van de goodwill van de bank. De ene bank springt hier coulanter mee om dan de ander. Wettelijk gezien zijn ze daartoe niet verplicht. Het burgerlijk wetboek bepaalt dat klanten alleen bij bancaire fraude recht hebben op compensatie. Aangezien er bij phishing geen sprake is van misbruik van de betaalmogelijkheden die de bank biedt, hoeven ze de slachtoffers niet schadeloos te stellen.

Banken verstrekken NAW-gegevens aan slachtoffers bij betaalfraude

Vorig jaar november zat minister Ferd Grapperhaus van Justitie en Veiligheid met de banken om tafel. Hij wilde weten of er mogelijkheden waren om betere afspraken te maken over de vergoeding van niet-bancaire fraude. Banken hebben toegezegd om met ingang van 2021 een nieuwe procedure in te voeren. Als iemand het slachtoffer is van betaalfraude, mogen ze de NAW-gegevens van de daders verstrekken aan gedupeerden. Deze informatie wordt niet direct overhandigd door de banken. In de procedure staat dat fraudeurs 21 dagen de tijd hebben om het geld terug te storten. Als de dader dat weigert, dan verstrekken de banken de NAW-gegevens van deze persoon aan het slachtoffer. Voorwaarde is wel dat het slachtoffer aangifte heeft gedaan van betaalfraude.

Privacy en security redacteur
Techliefhebber pur sang: Anton is gek op alles wat met technologie en internet te maken heeft. Cybersecurity, privacy en internetcensuur hebben dan ook zijn volle aandacht. 
Plaats een reactie
Een reactie plaatsen