Google en Apple maken toegangseisen corona-apps bekend

Google en Apple maken toegangseisen corona-apps bekend

Laatst bijgewerkt: 5 mei 2020
Leestijd: 3 minuten, 39 seconden

Google en Apple kondigden enkele weken geleden aan dat ze willen meehelpen in de strijd tegen het coronavirus. Beide techbedrijven geven ontwikkelaars tijdelijk toegang tot hun technologie om contactmomenten tussen mensen te registreren via bluetooth. De bedrijven hebben de eisen die ze hieraan stellen bekendgemaakt. Eén van die eisen is dat de app geen locatiegegevens mag verzamelen, om zo onze privacy te waarborgen.

Google en Apple schieten te hulp

Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) Hugo de Jonge heeft er alle vertrouwen in dat een app een grote hulp is om de opmars van het coronavirus een halt toe te roepen. Al weken is hij met veiligheidsdeskundigen, IT-specialisten, privacyvoorvechters en epidemiologen in de weer om te bedenken hoe zo’n app vorm moet krijgen. Een langdurige appathon leverde niet het gewenste resultaat op. Daarom besloot de minister afgelopen maand een nieuw team aan te stellen dat deze corona-app gaat ontwikkelen.

Hoe de app precies werkt, kan niemand nog zeggen. In hoofdlijnen wil de minister een applicatie ontwikkelen die een logboek bijhoudt. Mensen die in contact zijn geweest met anderen die besmet zijn met corona, krijgen dan een waarschuwing en het advies om in thuisquarantaine te gaan. Om deze contactmomenten te registreren wil de minister bluetooth gebruiken. Als gebruikers bluetooth inschakelen, zendt deze voortdurend een signaal uit. Deze signalen kunnen worden opgeslagen in een logboek. Gebruikers van de app kunnen dit logboek op hun beurt weer delen met zorgprofessionals.

In april boden Google en Apple hun hulp aan in de strijd tegen COVID-19. In een presentatie aan Europese journalisten legden beide bedrijven uit hoe ze dat willen doen, op een veilige en privacyvriendelijke manier uiteraard. Daarvoor bouwen ze een platform en krijgen ontwikkelaars toegang via een API. Het is een tijdelijke maatregel: Google en Apple schakelen het platform uit zodra de pandemie voorbij is. Beide Amerikaanse techbedrijven hebben inmiddels een update uitgerold die toegang verschaft tot het nog te bouwen platform.

Eisenpakket

Niet iedereen krijgt echter zomaar toegang. Google en Apple hebben een streng eisenpakket op tafel gelegd. Om te beginnen krijgt per land slechts één overheidsinstantie toegang tot het platform. Als lokale, regionale en landelijke partijen aan de slag gaan om een corona-app te ontwikkelen, wordt het allegaartje. Door slechts één partij per land toegang te verschaffen, willen Google en Apple fragmentatie voorkomen. Daarnaast moet het burgers stimuleren om de app te gebruiken, wat eenvoudiger is als er slechts één is.

Een andere keiharde eis van de techbedrijven is dat ontwikkelaars geen functionaliteit mogen inbouwen die locatiegegevens van gebruikers verzamelt. Sterker nog, de corona-apps mogen slechts ‘een minimale hoeveelheid data’ verzamelen. En uiteraard alleen informatie die noodzakelijk is voor het doel waarvoor ze gebouwd is. Het aanbieden van gerichte advertenties is ten strengste verboden. Minimale datavergaring is volgens Google en Apple een belangrijke voorwaarde om onze privacy te waarborgen.

Een andere regel waar ontwikkelaars zich aan moeten houden, is dat het gebruik van de app geheel vrijwillig is. Burgers die de app downloaden moeten bovendien expliciet toestemming geven om pushnotificaties te ontvangen. Tevens mag de verzamelde informatie niet rechtstreeks worden doorgestuurd naar een centrale server of andere opslaglocatie. Ook daarvoor geldt dat gebruikers nadrukkelijk toestemming hiervoor moeten geven.

Tot slot willen Google en Apple dat data niet terug te herleiden is naar specifieke personen. Iedere gebruiker krijgt daarom een zogeheten unieke identifier, een nummer dat gekoppeld is aan een gebruiker zonder dat duidelijk is wie deze persoon is. Dat is weliswaar niet honderd procent anoniem, maar wel een belangrijke maatregel om onze privacy en identiteit voor onszelf te houden. Dit principe wordt ook wel een pseudoniem genoemd.

Weinig enthousiasme

Als de corona-app er eenmaal is, hoeveel mensen gaan hem dan gebruiken? Dat is een vraag die in vele onderzoeken en enquêtes is gesteld. Uit een recente peiling van marktonderzoeker Ipsos blijkt dat slechts een kwart van de Nederlanders (24 procent) het ziet zitten om de app te installeren op zijn of haar smartphone. Eén op de vijf respondenten (20 procent) geeft aan dat de inzet van een app om te kijken of iedereen zich houdt aan de thuisquarantaine een goed idee is. 28 procent is daar fel tegenstander van. Ruim de helft van de ondervraagden heeft nog geen uitgesproken mening over de app. Dat is ook niet zo vreemd aangezien er nog niets bekend is over hoe de applicatie precies gaat werken, welke informatie hij verzamelt en wat hij daarmee precies doet.

Privacy en security redacteur
Techliefhebber pur sang: Anton is gek op alles wat met technologie en internet te maken heeft. Cybersecurity, privacy en internetcensuur hebben dan ook zijn volle aandacht. 

Meer artikelen uit het ‘Nieuws’ dossier

Reacties
Plaats een reactie
Een reactie plaatsen