Naar aanleiding van de uitspraak van het Europees Hof van Justitie, heeft het kabinet de algemene bewaartermijn voor PNR-gegevens verlaagd van vijf naar drie jaar. Data ouder dan drie jaar zijn echter nog steeds niet gewist. De reden daarvan is dat de analyse naar de voorwaarden die het Hof heeft gesteld om van deze termijn af te wijken, nog niet is afgerond.
Dat schrijft minister van Justitie en Veiligheid Dilan Yeşilgöz-Zegerius in een brief aan de Tweede Kamer.
Inbreuk op de privacy van reizigers
Eind februari vroeg de Autoriteit Persoonsgegevens aan het departement om direct te stoppen met het verzamelen en verwerken van reisgegevens van vliegtuigpassagiers, ook wel PNR-gegevens genoemd (Passenger Name Records). “Met de verwerking van PNR-gegevens wordt stelselmatig een grote hoeveelheid persoonsgegevens verzameld, geautomatiseerd verwerkt en bewaard van zeer veel mensen die niet bij de groep horen waarvoor de database eigenlijk is bedoeld”, schreef de toezichthouder aan minister Yeşilgöz-Zegerius.
De bewindsvrouw gaf aan niet te stoppen met het verwerken van gegevens van vliegtuigpassagiers. Volgens de ‘Wet gebruik passagiersgegevens voor de bestrijding van terroristische en ernstige misdrijven’ is het toegestaan om PNR-gegevens te verzamelen. Deze wet is bovendien gebaseerd op de PNR-richtlijn uit Brussel.
Het Europees Hof van Justitie bepaalde vorig jaar dat deze richtlijn inbreuk maakt op de privacy van reizigers, maar dat deze schending proportioneel is gezien het doel dat deze nastreeft.
Minister verkort bewaartermijn
In overeenstemming met de uitspraak van het Hof zei minister Yeşilgöz-Zegerius de noodzaak te voelen om bestaande privacywaarborgen te vergroten. Daarvoor verlaagde ze de algemene bewaartermijn van PNR-gegevens van vijf jaar naar drie jaar. Als er concrete aanwijzingen zijn dat een passagier mogelijke banden heeft met georganiseerde misdaad of terrorisme, dan mogen zijn gegevens vijf jaar worden bewaard.
De minister beloofde om op dit punt gehoor te geven aan de uitspraak van het Hof. Om die reden worden passagiersgegevens die ouder zijn dan drie jaar niet meer verstrekt aan instanties als het Openbaar Ministerie, de Koninklijke Marechaussee of de Nationale Politie. Behalve in specifieke gevallen waar mogelijk sprake is van een link met criminaliteit of terrorisme.
Het wissen van passagiersgegevens ouder dan drie jaar heeft nog niet plaatsgevonden. Daarvoor heeft minister Yeşilgöz-Zegerius een goede reden. “Er is namelijk een nadere analyse van de door het Hof gestelde voorwaarden nodig om te kunnen bepalen voor welke passagiersgegevens het noodzakelijk is dat deze vijf jaar bewaard blijven (…) Deze specifieke gevallen worden momenteel in kaart gebracht en vastgelegd door de Passagiersinformatie-eenheid Nederland”, schrijft ze aan de Tweede Kamer.
Onduidelijk wanneer oude data definitief worden gewist
De minister kan op dit moment niet concreet zeggen wanneer passagiersgegevens ouder dan drie jaar worden gewist. Het is noodzakelijk dat eerst de analyse wordt afgerond en technische aanpassingen worden gedaan voordat de data definitief gewist kunnen worden. Ze benadrukt dat het belangrijk is dat dit zorgvuldig gebeurt: om het risico te voorkomen dat gegevens die ouder zijn dan drie jaar worden overhandigd aan het Openbaar Ministerie of andere instanties, worden deze vorderingen getoetst aan de criteria van het Hof.
De minister belooft hier ‘de komende tijd’ prioriteit aan te geven. Verder zegt ze de Tweede Kamer op de hoogte te houden van nieuwe ontwikkelingen.
