KLM-toestel landt op luchthaven Schiphol
© Steve Photography/Shutterstock.com
Geen AI: al onze artikelen zijn geschreven door echte mensen, zonder gebruik van AI
Inhoudsopgave

Het ministerie van Justitie en Veiligheid moet direct stoppen met de grootschalige verwerking van reisgegevens van vliegtuigpassagiers. Dat zegt de Autoriteit Persoonsgegevens (AP) in een brief aan het ministerie. Het gaat hierbij om het verwerken en opslaan van de zogenoemde PNR-gegevens (Passenger Name Records). Justitie slaat die gegevens op om reisbewegingen van terroristen en zware criminelen in beeld te brengen. Die praktijk is volgens de Autoriteit echter uit de hand gelopen. Nu verzamelt het ministerie de reisdetails van alle luchtvaartpassagiers jarenlang in een database.

Ministerie overtreedt de wet

De Passenger Name Record-richtlijn die in Europees verband is vastgesteld vormt de basis voor het handelen van Justitie. Die richtlijn schrijft voor dat lidstaten bepaalde gegevens van vluchtpassagiers mogen opslaan om terrorisme en zware misdaad op te sporen en te voorkomen. De Europese richtlijn heeft het echter over vluchten vanuit of naar landen buiten de Europese Unie. Nederland verwerkt echter ook gegevens van vluchten binnen de EU en slaat die op. Daarmee overtreedt het ministerie de wet.

De AP schrijft in de brief: “Met de verwerking van PNR-gegevens wordt stelselmatig een grote hoeveelheid persoonsgegevens verzameld, geautomatiseerd verwerkt en bewaard van zeer veel mensen die niet bij de groep horen waarvoor de database eigenlijk is bedoeld.” De praktijk krijgt al jaren kritiek van privacyorganisaties. Ook de Autoriteit Persoonsgegevens deed er eerder al onderzoek naar. In 2022 wees de AP op deze misstand en adviseerde aanpassingen in het beleid.

Europees Hof bevestigt oordeel AP

Hoewel Justitie dit advies niet opvolgde, zag de Autoriteit tot nu toe af van handhaving. Dat kwam omdat er nog een gerechtelijke procedure liep bij het Hof van Justitie van de Europese Unie. Het Hof maakte onlangs duidelijk dat de gegevensverzameling beperkt moet blijven tot het strikt noodzakelijke. In dit oordeel ziet de AP haar conclusies bevestigd en concludeert dat handhaving toch nodig is.

De Autoriteit eist daarom dat het ministerie onmiddellijk stop met de huidige praktijk. Hierbij mag geen sprake zijn van een overgangsregeling. De Autoriteit is bevoegd om de onwettige gegevensverwerking stil te leggen.

Laat een reactie achter