Het kabinet ziet er niets in om gemeenten te verbieden om aan inwoners te vragen of ze foto’s van de binnenkant van hun woning willen opsturen om de WOZ-waarde van een woning te bepalen. Dat is volgens de regering niet nodig: er is voldoende wetgeving en toezicht om de persoonlijke levenssfeer van huiseigenaren te beschermen. Burgers zijn bovendien niet verplicht om foto’s van hun woning op te sturen.
Dat schrijft minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties Hanke Bruins Slot in een brief aan de Tweede Kamer.
Commotie om opsturen interieurfoto’s
Aanleiding voor de brief was dat de gemeente Enschede eind oktober enkele duizenden inwoners vroeg om foto’s van hun interieur te nemen en op te sturen naar het Gemeenschappelijke Belastingkantoor Twente. Ze kregen de opdracht om plaatjes te schieten van de keuken, het toilet, de badkamer, de achtergevel en bijgebouwen. Aan de hand van deze foto’s konden ambtenaren naar eigen zeggen een betere inschatting maken van de werkelijke WOZ-waarde van een woning.
De gemeente haalde hiermee de woede van inwoners en lokale politici op haar hals. Ook politiek Den Haag bemoeide zich met de kwestie. De PVV vroeg zich af waar “deze gekkigheid” vandaag kwam en wat de gevolgen zouden zijn voor de inwoners voor hun WOZ-aanslag. Wybren van Haga (Belang van Nederland, BVNL) wilde dat de minister van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening Hugo de Jonge een einde maakte aan “het begluren en bespioneren van mensen”.
Vanwege de commotie die ontstond omtrent de privacy van inwoners, besloot de gemeente Enschede om per direct met het experiment te stoppen.
Brabantse gemeenten blijven inwoners om foto’s vragen
Negen Brabantse gemeenten -Asten, Bernheze, Boekel, Deurne, Gemert-Bakel, Laarbeek, Maashorst, Oss en Someren- besloten daarentegen om door te gaan om huizenbezitters te vragen foto’s op te sturen van de binnenkant van hun woning. Dat was tegen het zere been van de VVD, die vindt dat deze methode om de WOZ-waarde te bepalen een schending van de privacy van burgers is.
In een reeks schriftelijke vragen vroegen Peter de Groot en Mark Strolenberg (beiden VVD) aan minister Hugo de Jonge (Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening) om een einde te maken aan deze praktijken. Dat vindt hij geen goed idee, zo laat hij in een reactie weten.
“Voor de waardebepaling wordt gebruikt gemaakt van gegevens en informatie uit verschillende bronnen, zoals informatie uit basisregistraties. Informatie over de inpandige staat ven een woning zoals de kwaliteit en het onderhoudsniveau van de binnenkant van een woning, is alleen bij de woningeigenaar beschikbaar. Hierover kan de WOZ-ambtenaar dan ook informatie opvragen bij de woningeigenaar”, zo schrijft de bewindsman.
Minister: ‘Voldoende waarborgen tegen privacyinbreuk’
Eén manier om deze informatie te bemachtigen, is door aan de woningeigenaar een vragenlijst te laten invullen. Een andere mogelijkheid is dat de gemeente een taxateur langs stuurt om een inschatting te maken. Een aantal gemeenten biedt de optie om zelf foto’s aan te leveren. Deze optie is ontstaan tijdens de coronapandemie als alternatief voor de gemeentelijke taxateur.
Minister De Jonge is niet bang dat het opsturen van foto’s een inbreuk voor de privacy oplevert. De Waarderingskamer en de Autoriteit Persoonsgegevens zien erop toe dat de persoonlijke levenssfeer en andere privacyaspecten gewaarborgd worden. Verder bestaat er een geheimhoudingsplicht voor de uitvoering van de WOZ-taak. Tot slot is de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG) van toepassing.
Een verbod om foto’s op te vragen voor de bepaling van de WOZ-waarde ziet De Jonge dan ook niet zitten. “De Waarderingskamer ziet toe op een zorgvuldige benadering van de belanghebbende en ziet er in het bijzonder op toe dat gemeenten in hun brieven aan woningeigenaren geen verplichtingen opleggen die niet passen binnen de wet en dat gemeenten woningeigenaren actief informeren over het feit dat er meerdere opties zijn om de gevraagde informatie aan te leveren”, aldus de minister.
