Het Openbaar Ministerie roept slachtoffers van cybercrime op om aangifte te doen. De meest recente cijfers laten weliswaar een daling zien, maar dat beeld is vertekend doordat niet iedereen zich bij de politie meldt als ze het slachtoffer zijn van een cybercrimineel. Hoe meer mensen aangifte doen, des te beter de politie in staats is om de daders op te sporen en aan te houden.
Dat vertelden burgemeester van Nijmegen Hubert Bruls, hoofdofficier van justitie Marthyne Kunst en waarnemend politiechef Gert Veurink op een bijeenkomst waarin ze terugblikten op 2023.
Daling in het aantal digitale misdrijven
Nagenoeg over de gehele linie zien we dalende cijfers als het gaat om klassieke criminaliteit. Het aantal woninginbraken daalde afgelopen jaar met 35 procent. Auto- en fietsendiefstal namen af met respectievelijk 3 procent en 5 procent. Cijfers over bedreiging, mishandeling, straatroof en overvallen laten eveneens een daling zien. Het aantal incidenten met mensen die verward gedrag vertonen bleef vorig jaar onverminderd hoog. Het aantal winkeldiefstallen steeg met 10 procent tot ruim 7.000 aangiftes.
Precieze cijfers over digitale misdrijven zoals helpdeskfraude en identiteitsfraude heeft het Openbaar Ministerie (OM) niet. Wel weet het OM dat er, in vergelijking met voorgaande jaren, sprake is van een daling in de cijfers. “De daling is mogelijk deels het gevolg van preventie en voorlichting, zowel door politie als door gemeenten, banken en websites”, zo vermoedt het OM.
OM wil informatiepositie van politie verbeteren
Tegelijkertijd vermoedt het Openbaar Ministerie dat de cijfers een te rooskleurig beeld geven van de werkelijkheid, “omdat vermoed wordt dat burgers niet altijd bij de politie melding of aangifte doen van cybercrime”. Slachtoffers doen vaak uit schaamte geen aangifte, maar ook omdat ze denken dat de politie toch niets voor hen kan betekenen.
Dat is volgens het Openbaar Ministerie een vergissing. Ze roept gedupeerden op om juist naar de politie te gaan als ze zijn opgelicht door een cybercrimineel. Alleen dan is het mogelijk om daders op te sporen en te arresteren.
“Om de drempel te verlagen, kunnen slachtoffers van steeds meer vormen van cybercrime digitaal aangifte doen op politie.nl. Dit maakt beter zichtbaar hoe groot digitale criminaliteit is en het verbetert de informatiepositie over daders en de wijze waarop ze opereren. Hiermee wil de politie het werk van cybercriminelen verstoren en daders opsporen en aanhouden”, aldus het Openbaar Ministerie.
OM wil samen met burgers cybercrimezaken oplossen
Officier van justitie Georges van den Eshof vertelde vorig jaar november aan de NOS dat de politie niet de capaciteit heeft om alle cybercrimezaken op te lossen. Om iets aan dit capaciteitsprobleem te doen, wil het Openbaar Ministerie burgers inschakelen. Hoever het OM daarin mag gaan, is nu nog juridisch gezien een grijs gebied.
Om meer helderheid te krijgen over wat wel en niet mag, stuurt het Openbaar Ministerie aan op een proefproces. Door onderzoeksinformatie te delen met burgers met kennis over het digitale domein, hopen de politie en het OM verdachten in beeld te krijgen en te vervolgen. “In deze vorm zijn cyberzaken nog niet opgelost. Een rechter moet zich hierover uitspreken, omdat het redelijk onontgonnen terrein is”, vertelt Van den Eshof.
Hij zegt dat het onmogelijk is om volledig uit te sluiten dat burgers met opsporingsinformatie aan de haal gaan. “Maar we zitten er bovenop, en als ze de regels niet volgen dan kunnen ze strafrechtelijk worden vervolgd”, aldus Van den Eshof.
