Man kijkt naar porno op zijn laptop
© REDPIXEL.PL/Shutterstock.com
Geen AI: al onze artikelen zijn geschreven door echte mensen, zonder gebruik van AI
Inhoudsopgave

Als het aan minister van Justitie en Veiligheid Ferd Grapperhaus ligt, moeten webhosters een forse boete betalen als ze kinderporno op hun servers niet binnen 24 uur verwijderen. Deze dwangsom kan oplopen tot 4 procent van de wereldwijde omzet. Het wetsvoorstel hiervoor en de memorie van toelichting zijn vandaag in consultatie gegaan. Nederlanders kunnen tot en met 13 april hun mening over het conceptvoorstel geven.

Dat blijkt uit de internetconsultatie die vandaag online is gegaan. Het wetsvoorstel moet het mogelijk maken om op te treden tegen hostingbedrijven die, vaak ongewild, betrokken zijn bij de opslag of verspreiding van online kinderpornografisch materiaal, maar nalaten om daar vrijwillig en tijdig tegen op te treden.

Grapperhaus bindt de strijd aan tegen kinderporno

Minister Grapperhaus verklaarde vorig jaar de oorlog aan criminelen die kinderpornografisch materiaal online zetten. In een toespraak tegenover het Europees Parlement sprak hij walging en afkeur uit over online misbruik van jonge kinderen. “Het is onacceptabel dat er een dark web is waar criminelen hun beroep kunnen uitoefenen”, vertelde Grapperhaus.

“Hier moeten we tegen vechten. In deze strijd moeten we altijd bedachtzaam zijn op één ding. Hoewel end-to-end encryptie belangrijk is om onze privacy te beschermen en cybersecurity te garanderen, kunnen criminelen het als een schild gebruiken. We hebben een gebalanceerde aanpak nodig die kinderen beschermt tegen deze verschrikkelijke misdaad, en tegelijkertijd rekening houdt met onze privacy en cybersecurity.”

Minister wil ‘doorpakken’ om het internet op te schonen

Tegelijkertijd erkende Grapperhaus dat een aanzienlijk deel van kinderporno in ons land gehost wordt. Kenners denken dat dit komt omdat ons land een belangrijk internetknooppunt is en het voor webhostingbedrijven zodoende aantrekkelijk is om servers in onze achtertuin te plaatsen. Onze hoogwaardige internetinfrastructuur wordt door criminelen misbruikt om kinderporno te hosten.

“Hostingbedrijven vervullen vanuit ons land dankzij onze optimale digitale infrastructuur een sleutelrol in het wereldwijde internet. Maar deze bijzondere positie schept ook verplichtingen”, aldus minister Grapperhaus. “De weerzinwekkende hoeveelheid kinderporno moet omlaag. Internetbedrijven hebben een maatschappelijke verantwoordelijkheid om kinderen online te beschermen tegen misbruik. Daarom wil ik doorpakken in het opschonen van internet. Kort gezegd: de tijd van vrijblijvendheid is voorbij.”

HashCheckService gaat grotere rol spelen in bestrijding kinderporno

Onacceptabel en onverteerbaar, zo meent minister Grapperhaus. Hij gaf de TU Delft de opdracht om een tool te ontwikkelen waarmee kinderpornografisch materiaal opgespoord kan worden op servers van hostingbedrijven: de HashCheckService. In de eerste negen maanden van 2020 scande deze tool 18,2 miljard afbeeldingen. Dit leverde bijna 7,4 miljoen hits op aan kinderporno.

Via een brief aan de Tweede Kamer laat minister Grapperhaus weten dat het aantal checks van de HashCheckService is toegenomen. Om de effectiviteit van de tool te meten, heeft de minister aan het Expertisebureau Online Kindermisbruik (EOKM) gevraagd om een ‘check op de hashcheck’ in te bouwen. Deze beoogde nieuwe techniek moet automatisch inzicht gaan geven of een bedrijf accuraat opvolging geeft aan een hit van de HashCheckService.

Verder meldt de minister dat de HashCheckService met een nieuwe functionaliteit is uitgerust genaamd Photo DNA. Met deze techniek is de tool in staat om foto’s die met een fotobewerkingsprogramma zijn aangepast te herkennen. Photo DNA wordt naar verwachting ‘in de loop van 2021’ toegepast. Tevens wil Grapperhaus het programma aanbieden aan andere EU-lidstaten om kinderporno te detecteren en verwijderen. Daarvoor gaat hij een brief schrijven aan de Europese Commissie.

Grapperhaus wil een autoriteit met tanden

Afgelopen jaar kwam de veiligheidsminister met het voorstel om een autoriteit in te stellen om harder op te treden tegen kinderporno op internet. In het wetsvoorstel heeft Grapperhaus dit plan verder uitgewerkt. De autoriteit, bestaande uit drie leden die worden aangesteld op basis van ‘maatschappelijke kennis en ervaring’, kan aanwijzingen verstrekken aan hostingbedrijven hoe ze kinderpornografisch materiaal op hun servers kunnen verwijderen.

Ook kan ze een bestuurlijke boete opleggen om naleving af te dwingen. Deze kan oplopen tot 4 procent van de omzet van de onderneming. Bovendien wordt de dwangsom openbaar gemaakt, wat een afschrikwekkende functie moet hebben voor hostingbedrijven.

Met een autoriteit die beschikt over bestuursrechtelijke middelen, heeft de minister een duidelijk doel voor ogen: het internet schoonhouden van kinderporno. “Stapsgewijs werk ik zo toe naar een sluitend systeem van zowel zelfregulering als overheidsregulering voor internetbedrijven, met het strafrecht als ultimum remedium”, schrijft de minister aan de Tweede Kamer.

Webhosters krijgen waarschuwing van Grapperhaus

In juli 2020 schreef minister Grapperhaus een brief aan 17 hostingbedrijven. Daarin maakte hij kenbaar dat dit hun allerlaatste kans was om kinderpornografisch materiaal van hun servers te verwijderen. Zo niet, dan zou de minister hun namen openbaar maken. Hosters moeten zich er bewust van zijn dat ze een maatschappelijke verantwoordelijkheid hebben om kinderen online te beschermen. “Het aftellen is begonnen: naming and shaming voor een hoger doel”, schreef de minister.

Laat een reactie achter