De cyberaanval op de Duitse tak van Shell, moet een waarschuwing zijn voor Nederlandse bedrijven in de vitale sector. We mogen niet denken dat we in ons land alles voor elkaar hebben op het gebied van cybersecurity. Nederlandse bedrijven die actief zijn in de essentiële sector moeten weerbaarder worden gemaakt tegen digitale dreigingen.
Dat zegt Dave Maasland, directeur van cybersecuritybedrijf ESET Nederland, in een interview met BNR.
‘Essentiële diensten in Nederland zijn kwetsbaar’
Eerder deze week schreven we over een grote cyberaanval bij de Duitse benzineleverancier Oiltanking Deutschland. Hackers wisten de computersystemen van het bedrijf te infiltreren en met ransomware te besmetten. Om verdere besmetting van het netwerk te voorkomen, werden de systemen op 13 distributielocaties tijdelijk afgesloten. De Duitse tak van Shell, die 1.955 tankstations in heel Duitsland heeft, moest door de aanval met gijzelsoftware zijn olietoevoer noodgedwongen omleiden.
Cybersecuritydeskundige Dave Maasland zegt tegen BNR dat Shell erin is geslaagd om een tijdelijke oplossing te vinden voor de aan- en afvoer van olie, maar dat het oliebedrijf nog wel een tijdje de gevolgen zal merken van de cyberaanval. Shell is weliswaar niet rechtstreeks aangevallen door hackers, maar om de vitale infrastructuur hangt een groot aantal bedrijven die diensten verzorgen voor de gehele leveranciersketen.
“Dat is bij de post zo, de voedselproductie, de chemicaliën, de afvalverwerking, de energie- en zorgsector. Deze essentiële diensten zijn kwetsbaar”, benadrukt Maasland. Als voorbeeld noemt hij Colonial Pipeline, een aardoliemaatschappij die een groot deel van de Amerikaanse oostkust van olie voorziet. Dat bedrijf werd afgelopen jaar getroffen door een ransomware-aanval. Uiteindelijk koos topman Joseph Blount ervoor om de aanvallers 4,4 miljoen dollar aan losgeld te betalen.
Meerdere beveiligingslagen nodig om Nederlandse bedrijven te beschermen
Maasland vertelt dat cruciale bedrijven in Nederland deze aanval als een waarschuwing moeten zien. “We moeten ook hier in Nederland niet naïef zijn dat het hier vele malen beter geregeld is”, aldus de beveiligingsexpert.
Trainingen onder medewerkers en nieuwe wetgeving dragen zeker bij aan het verbeteren van de digitale weerbaarheid van de vitale bedrijfssector, maar dat is slechts deel van het verhaal. Maasland zegt dat Nederlandse een harde schil aan de buitenkant hebben (net als een ei), maar dat aan de binnenkant alles met elkaar verbonden is (net als een ui).
Maasland benadrukt dat het tijd kost om beveiligingslagen op te bouwen. “Mensen gaan nu eenmaal klikken en onbekende bijlagen openen. Het idee is dat je nog zes of zeven lagen daarachter hebt. Wat je ook bij Nederlandse bedrijven ziet, dat als een hacker eenmaal binnen is, ze bij alle systemen kunnen. Daar moeten eigenlijk meerdere beveiligingslagen tussen zitten, maar in de praktijk is dat vaak niet zo. Die bedrijven moeten echt weerbaarder worden tegen dit soort aanvallen.”
‘Deltaplan’ tegen cybercrime
Systeembeheerders die vandaag nog hun cybersecurity willen opkrikken, moeten volgens Maasland eerst hun aanvalsoppervlakte verkleinen. Oftewel, hoe hackers kunnen inbreken bij een bedrijf. IT’ers moeten hun netwerk goed leren kennen en controleren of bijvoorbeeld tweefactorauthenticatie is ingeschakeld en of alle software up-to-date is. “Het is niet een kwestie van een schakelaar omzetten, maar beveiligingslagen opbouwen”, zo eindigt de topman van ESET Nederland zijn bijdrage.
Het is niet zo dat het Nederlandse bedrijfsleven op zijn handen zit en niets doet. Ondernemersorganisatie roepen al langer dat het kabinet met een ‘deltaplan’ tegen cybercrime moet komen. Het bedrijfsleven kondigde vorig jaar september aan om een eigen alarmsysteem te ontwikkelen om ondernemers vroegtijdig te waarschuwen tegen cyberaanvallen en andere digitale dreigingen.
Politici in Den Haag zitten ook niet stil en werken aan een wetsvoorstel om dreigingsinformatie ook met bedrijven die niet in de vitale sector actief zijn te delen. Oud-minister van Justitie en Veiligheid Ferd Grapperhaus maakte een begin met een Landelijk Dekkend Stelsel. Het Digital Trust Center (DTC) lanceerde eind vorig jaar een pilot om dreigingsinformatie te delen met niet-essentiële bedrijven en organisaties.
