De Canadese tak van Amnesty International was begin oktober het doelwit van een ‘geavanceerde digitale beveiligingsinbreuk’. De non-gouvernementele organisatie (NGO) is ervan overtuigd dat Chinese staatshackers achter de cyberaanval zitten. Er zijn geen aanwijzingen dat de daders gevoelige of vertrouwelijke informatie hebben buitgemaakt.
Dat schrijft Amnesty International Canada in een statement.
Hackers waren uit op cyberspionage
De cyberaanval kwam op woensdag 5 oktober aan het licht. Systeembeheerders ontdekten toen verdachte activiteiten op de IT-infrastructuur. Amnesty International Canada kwam daarop direct in actie en schakelde een team van forensisch onderzoekers en cybersecuritydeskundigen van Secureworks in. De beveiligingsonderzoekers keken hoe de daders het interne netwerk van de NGO wisten te infiltreren. Ook namen ze maatregelen om de systemen van Amnesty International Canada te beschermen.
Het onderzoek is nog altijd in volle gang. De eerste bevindingen wijzen erop dat de daders gebruikmaakten van geavanceerde tools en technieken. Forensische deskundigen hebben vastgesteld dat de cyberaanval is uitgevoerd door Chinese staatshackers. “De aard van de beoogde informatie en de gebruikte instrumenten worden in verband gebracht met Chinese hackers die uit waren op cyberspionage”, zo concluderen de onderzoekers.
Tot op heden is er geen bewijs dat de aanvallers persoonlijke gegevens van donateurs of leden hebben gestolen. De politie, medewerkers, donateurs en andere belanghebbenden zijn op de hoogte gesteld van de cyberaanval. De Canadese charter van Amnesty International heeft veiligheidsmaatregelen genomen om herhaling te voorkomen. De NGO zegt nauw te blijven samenwerken met cybersecurityspecialisten om toekomstige risico’s te beperken.
Werken onder steeds gevaarlijkere omstandigheden
Amnesty International Canada zegt over de cyberaanval te willen praten om zo andere mensenrechtenorganisaties te waarschuwen voor partijen die het werk van deze NGO’s proberen te verstoren. “Als organisatie die wereldwijd opkomt voor de mensenrechten, zijn wij ons ervan bewust dat wij het doelwit kunnen zijn van door de staat gesteunde pogingen om ons werk te verstoren. Deze zullen ons niet intimideren. De veiligheid en privacy van onze activisten, medewerkers, donoren en belanghebbenden blijven onze hoogste prioriteit”, aldus Ketty Nivyabandi, secretaris-generaal van Amnesty International Canada.
Volgens haar toont de cyberaanval aan dat activisten, journalisten en het maatschappelijke middenveld onder steeds gevaarlijkere omstandigheden moeten werken. “Ons werk om deze daden te onderzoeken en aan de kaak te stellen is nog nooit zo kritisch en relevant geweest. We zullen het licht blijven schijnen op mensenrechtenschendingen waar dan ook en het gebruik van digitale surveillance door regeringen om mensenrechten te verstikken aan de kaak blijven stellen”, voegt Nivyabandi eraan toe.
De Algemene en Militaire Inlichtingen- en Veiligheidsdienst (AIVD en MIVD) en de Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid (NCTV) waarschuwden eind november voor cyberspionage door statelijke actoren als China en Rusland. Het Nederlandse bedrijfsleven moet beter haar best doen om hoogwaardige technologische kennis te beschermen. Zo niet, dan komt de nationale veiligheid van ons land in gevaar.
Rode Kruis zag update voor authenticatiemodule over het hoofd
Amnesty International is niet het enige slachtoffer dat dit jaar is aangevallen door hackers. Afgelopen januari was het hoofdkantoor van het Internationale Comité van het Rode Kruis (ICRC) het doelwit van een cyberaanval. Hackers slaagden erin om toegang te krijgen tot persoonlijke en privacygevoelige gegevens van 515.000 vluchtelingen en ‘extreem kwetsbare mensen’. Onder hen waren ruim 4.600 vluchtelingen die ooit bij de Nederlandse afdeling van het Rode Kruis hebben aangeklopt. Tot slot slaagden de aanvallers erin om de inloggegevens van zo’n 2.000 medewerkers te bemachtigen.
Uit onderzoek bleek dat de hackers misbruik maakten van een zero day exploit van een authenticatiemodule. Voor deze kwetsbaarheid was een patch beschikbaar, maar deze beveiligingsupdate was over het hoofd gezien. “Jaarlijks voeren wij tienduizenden patches uit op al onze systemen. Het tijdig toepassen van kritieke updates is essentieel voor onze cybersecurity, maar helaas hebben wij deze patch niet op tijd toegepast voordat de aanval plaatsvond”, verklaarde Robert Mardini, hoofd van het ICRC.
Na het incident voerde het Rode Kruis tweefactorauthenticatie in en introduceerde de organisatie een geavanceerde Threat Detection Solution.
