De gevaren van een digitale kibboets: je wifi delen is niet meer van deze tijd

Elektrisch schakelbord in meterkast, met wifi-router

“Iedereen mag erop surfen, het is een digitale kibboets,” was de verrassende reactie van mijn in de Noord-Israëlische havenstad Haïfa geboren buurman, toen ik hem erop wees dat zijn wifi-netwerk niet beveiligd was. Een kibboets is van oorsprong een collectieve, socialistische landbouwnederzetting in zijn geboorteland. Blijkbaar wilde mijn buurman zijn internetverbinding delen met iedereen die zijn huis passeerde.

Ik legde hem uit, dat het niet eens heel ingewikkeld zou zijn, zijn computer te hacken via de wifi-router. Of via het netwerk wat rond te struinen op websites waaraan hij zelf niet graag zijn IP-adres zou koppelen.
“Ik vertrouw je. Jij geeft toch ook mijn planten water als ik er niet ben,” was zijn tegenwerping. Daar had hij gelijk in, gaf ik toe, “maar dat betekent niet dat je wilt dat de hele straat continu bij je in- en uitloopt.”

Toch was mijn straatgenoot beslist niet de enige die de capaciteit van zijn router besloot te delen met anderen. Dergelijke netwerken zijn echter meestal geen lang leven beschoren – juist vanwege het beveiligingsaspect.

Community van wifi-gebruikers

In 2006 startte het bedrijf Fon, dat eigenlijk van een zelfde soort collectiviteitsgedachte uitging als mijn buurman. In de tijd voor de introductie van goedkope en snelle databundels was iedereen buitenshuis op jacht naar wifi-hotspots. Fon bedacht een interessant concept: particulieren stelden een deel van de bandbreedte van hun internetrouter ter beschikking aan mensen op straat, waardoor een netwerk van (min of meer) aaneengesloten wifi-omgevingen ontstond.

Fon creëerde zo een digitale community van enthousiaste volgelingen (Foneros) die de aanbieder onderverdeelde in drie categorieën:

  • Allereerst de Linussen, genoemd naar Linus Torvalds, de uitvinder van de open source software Linux. Dit zijn Foneros die hun Fon-wifi delen in ruil voor gratis internettoegang wanneer ze zelf in de buurt van een Fon Spot zijn.
  • Daarnaast onderscheidt Fon de Aliens. Deze leden delen hun Fon Wi-Fi niet, maar moeten een vergoeding betalen om toegang te krijgen tot internet vanaf nabijgelegen Fon Spots.
  • En Bills. Dit zijn Linussen die 50 procent verdienen van wat Aliens betalen als die hun wifi-punt gebruiken.

Onveilig surfen

Fon was een tijdje heel succesvol. In 2017 waren er wereldwijd 20 miljoen wifi-hotspots, mede dankzij samenwerkingen met providers als KPN en BT. Later kwam de klad erin: mobiel internet werd veel goedkoper, sneller en gemakkelijker te gebruiken.

En vooral ook veel veiliger dan Fon. Mobiele telefoons logden vaak automatisch in bij een van de vele wifi-punten, wat het digitale-criminelen wel heel makkelijk maakte een ‘tegenaanval’ op te zetten door een nep-wifipunt op te zetten en dat ‘fon’ of ‘free wifi’ te noemen.

Computervredebreuk

Los van de veiligheid is er nog een aspect dat mijn buurman vergat. Want het is wellicht aantrekkelijk: het digitale netwerk van een buurtgenoot gebruiken, bijvoorbeeld als je zelf een storing hebt, maar het is strafbaar. Het gebruiken van het onbeschermde wifi-netwerk van een ander valt volgens de Wet Computercriminaliteit II onder cybertrespass, dat is de digitale vorm van huisvredebreuk. Het gaat daarbij om het bewust binnendringen in een computernetwerk. Hier staat een gevangenisstraf op van maximaal 1 jaar of een geldboete van € 16.750,-.

Dus als je op het draadloze netwerk zit van je buren, ben je in beginsel strafbaar. Je hebt namelijk, stelt de wetgever, altijd de mogelijkheid om de draadloze internetverbinding van de buren te negeren. Door het bewust gebruikmaken van het netwerk van de buren, weet je dat je je op verboden terrein begeeft.

Oppassen dus, met een netwerk dat bedoeld of onbedoeld openstaat. Ken de gevaren van publieke hotspots. En gebruik bijvoorbeeld een VPN om je te beveiligen tijdens het browsen. Zo kan ook niemand ziet waar je bent en wat je doet. Ook dat kan soms een veilige gedachte zijn.

Overigens is het wifi-netwerk van mijn buurman inmiddels beveiligd.

ICT-journalist
Mels was ooit een whizzkid, zoals dat toen heette en werkte zelfs enige tijd als programmeur. Inmiddels is Mels al 22 jaar ICT-journalist met een speciale interesse in security.
Plaats een reactie
Een reactie plaatsen