Trump

Trump wil af van immuniteitsclausule sociale media

Laatst bijgewerkt: 3 september 2020
Leestijd: 3 minuten, 29 seconden

De Amerikaanse overheid wil harder optreden tegen sociale media als Facebook en Twitter. Nu is het zo dat ze niet verantwoordelijk zijn voor wat gebruikers online plaatsen. President Trump wil een einde maken aan deze praktijk door artikel 230 van de Communications Decency Act aan te passen. Het ministerie van Justitie heeft al een plan klaarliggen, dat feitelijk een einde maakt aan de immuniteitsclausule van de wet.

Trump versus sociale media

Trump en sociale media hebben niet bepaald een goede onderlinge verstandhouding. Zo plaatste Twitter onlangs een disclaimer bij een tweet van de Amerikaanse president. Hij had gezegd dat stemmen via de post tot ‘grootschalige fraude’ leidt. Twitter plaatste onder zijn bericht een link naar een pagina waarin de uitspraak van de president sterk genuanceerd wordt.

Toen Trump een tweet verstuurde naar aanleiding van de nachtelijke roofovervallen tijdens de demonstraties tegen politiegeweld en racisme, vond Twitter deze te provocerend en verwijderde deze. President Trump heeft ook een appeltje te schillen met Facebook. Die verwijderde een videoboodschap van de president, naar eigen zeggen omdat ze een auteursrechtenclaim van de maker had ontvangen.

Volgens Trump zijn het allemaal pogingen om hem, en de Republikeinse partij in het bijzonder, het zwijgen op te leggen. Dat journalisten massaal hebben aangetoond dat zijn tweets en andere online berichten vaak feitelijke onjuistheden bevatten, doet er volgens de president niet toe. Hij zegt dat het niets meer is dan een ordinaire ‘heksenjacht’ en bestempelt de berichtgeving hierover als ‘nepnieuws’.

Immuniteitsclausule

President Trump heeft dus een fittie met sociale media. Kort geleden tekende hij een decreet waarin hij aangaf te zullen optreden tegen online netwerken. Minister van Justitie William Barr heeft plannen hiervoor al op tafel liggen. Volgens de minister is nieuwe wetgeving noodzakelijk vanwege de “significante technologische veranderingen sinds 1996 [het jaar waarin de Communications Decency Act werd aangenomen, red.] en ruime interpretatie van artikel 230”.

Artikel 230 stelt dat sociale media geen uitgeverijen zijn, maar een platform voor gebruikers. Niet het medium, maar de gebruikers zijn volgens dit wetsartikel verantwoordelijk voor hetgeen zij online plaatsen. Als er racistische uitspraken, haatzaaiende betogen, kinderporno, terrorisme, auteursrechtelijk beschermd materiaal of andere illegale content op staat, kan het sociale medium niet aangeklaagd worden hiervoor. Dit wordt ook wel de immuniteitsclausule of ‘barmhartige Samaritaan’ clausule genoemd.

President Trump wil dat sociale media wel aansprakelijk gesteld kunnen worden voor de content op hun platformen. Volgens minister Barr zijn sociale netwerken door het wetsartikel immuun geworden voor “een breed scala aan illegale activiteiten op hun netwerken”. Ook stelt het ze in staat om “zonder openheid van zaken en verantwoordelijkheid” content te modereren. Daarom is het de hoogste tijd dat het roer om gaat.

Hervorming

Het ministerie van Justitie heeft een aantal punten gevonden waarop de Communications Decency Act aangepast moet worden. Allereerst moeten sociale media aangespoord worden om op te treden tegen de “alsmaar toenemende illegale content”. Het is volgens het ministerie “niet logisch” om immuniteit te verlenen aan platformen die “welbewust content van derden aanbieden en activiteiten faciliteren die de wet overtreden”. Als het aan het ministerie ligt, mogen sociale media geen beroep doen op de immuniteitsclausule als er sprake is van seksueel misbruik, terrorisme of cyberstalking. Dat geldt ook voor gevallen waarbij de platformen op de hoogte zijn dat deze het strafrecht overschrijden. In de plannen staat dat sociale netwerken alleen een beroep op het immuniteitsbeginsel kunnen doen als ze illegale content en illegaal gedrag kunnen identificeren.

Een ander punt waarop Trump de huidige wet wil hervormen, is dat sociale media niet zomaar berichten offline kunnen halen. Op deze manier ontstaat er meer openheid en transparantie in het maatschappelijke debat. Duidelijkere terminologie in de wet moet daarvoor zorgen. Zo moet de term ‘anderszins verwerpelijke’ content vervangen worden door ‘onwettige’ content of ‘content dat terrorisme verheerlijkt’. Ook moet er meer helderheid komen over de precieze betekenis van ‘goed vertrouwen’. Dat wordt nu vaak als argument aangevoerd om bepaalde content toe te laten op online platformen.

Niet iedereen ziet de plannen van president Trump zitten. Tegenstanders vrezen dat de beoogde hervormingen een beperking zijn voor de vrijheid van meningsuiting: sociale media zullen immers strenger modereren uit angst om anders aangeklaagd te worden. Censuur past niet bij een vrij internet, zo vinden zij.

Privacy en security redacteur
Techliefhebber pur sang: Anton is gek op alles wat met technologie en internet te maken heeft. Cybersecurity, privacy en internetcensuur hebben dan ook zijn volle aandacht. 

Meer artikelen uit het ‘Nieuws’ dossier

Reacties
Plaats een reactie
Een reactie plaatsen