Weergave van beursnoteringen met stadsscène reflecterend op glas
© katjen/Shutterstock.com
Geen AI: dit artikel is geschreven door echte mensen, zonder gebruik van AI
Inhoudsopgave

Steeds meer mensen zijn het slachtoffer van malafide beleggingsproducten. Oplichters proberen hen te overtuigen dat ze door geld te investeren in beleggingsproducten een aardig zakcentje kunnen verdienen. In werkelijkheid verliezen ze hun inleg. Bovendien is er geen vangnet die de financiële schade vergoedt.

Daarvoor waarschuwen de Fraudehelpdesk, Autoriteit Financiële Markten (AFM) en de politie in een gezamenlijk persbericht.

Financiële schade door beleggingsfraude loopt op

Door de lage spaarrente levert sparen weinig tot niets op. Vele Nederlanders zoeken daarom naar andere manieren om iets bij te verdienen. Cybercriminelen en oplichters spelen daar gretig op in. Ze beloven goedgelovige slachtoffers hoge rendementen als ze investeren in beleggingsproducten. Maar vaak gaat het om frauduleuze financiële producten.

Het aantal internetcriminelen dat op deze manier slachtoffers maakt, heeft de laatste jaren een vlucht genomen. Volgens de Fraudehelpdesk bedroeg de schade door beleggingsfraude nog geen 6 miljoen euro. In 2020 was de teller al opgelopen naar 13 miljoen euro.

Dit jaar is het aantal slachtoffers door frauduleuze beleggingsproducten al met 30 procent gestegen. In juli bedroeg de schade hierdoor 1,3 miljoen euro, in augustus verdubbelde dat bedrag naar 2,7 miljoen euro.

Slachtoffers vervallen in ‘financieel en psychisch diep dal’

Jørg Lefers van het cybercrimeteam van de politie-eenheid Oost-Nederland zegt dat slachtoffers prachtige rendementen worden voorgeschoteld. In praktijk wordt er niet of nauwelijks uitgekeerd. De schadebedragen lopen soms op tot boven de ton. En dat heeft vaak een enorme impact op het leven van mensen.

“Er is geen vangnet. Verzekeraars vergoeden de schade niet. Slachtoffers kunnen nergens op terugvallen en raken in een diep dal, zowel financieel als psychisch”, vertelt Lefers. Cybercrime heeft volgens hem dezelfde impact op iemands leven als een inbraak in een woning. “Vaak ook moeten slachtoffers horen: ‘hoe dom kan je zijn?!’ Terwijl criminelen zo geraffineerd te werk gaan, dat het heel moeilijk is om echt van nep te onderscheiden.”

Zo gaan de oplichters te werk

Oplichters proberen op verschillende manieren slachtoffers te maken. Soms bellen ze mensen op en spelen ze achtergrondgeluiden af om de indruk te wekken dat de beller vanuit een succesvol kantoor werkt. Deze methode wordt ook wel een boilerroom genoemd. Soms worden er influencers ingezet om malafide beleggingsproducten te promoten.

Andere oplichters verspreiden nepadvertenties met daarin bekende Nederlanders (BN’ers) om slachtoffers te overtuigen om te beleggen. Deze advertenties waren veelal via sociale media verspreid. Een bekend voorbeeld hiervan is dat foto’s van presentator en econoom Jort Kelder en journalist en ondernemer Alexander Klöpping werden gebruikt om beleggingen in Bitcoin en andere cryptomunten de hemel in te prijzen.

Een rechter oordeelde afgelopen mei dat Google en Twitter niet aansprakelijk zijn voor de verspreiding van deze nepadvertenties. “Google en Twitter zijn als internetplatform niet automatisch aansprakelijk voor de inhoud van door een adverteerder geplaatste advertenties. Om aansprakelijkheid van Google en Twitter aan te nemen, moet de bedrijven zelf een verwijt kunnen worden gemaakt. De rechtbank is van oordeel dat hiervan in dit geval geen sprake is”, aldus de rechter in het vonnis. Kelder besloot daarop om in hoger beroep te gaan tegen de uitspraak.

‘Dan blijkt alles nep te zijn’

Lefers zegt dat mensen oplichtingspraktijken met beleggingsproducten kunnen herkennen door goed te letten op subtiele signalen. Een veelgebruikte smoes is dat mensen zogenaamd de unieke mogelijkheid krijgen om tegen een laag tarief ‘in te stappen’. Als deze investering geld oplevert, kunnen mensen dit bedrag niet zomaar cashen. Ze krijgen de kans om nog meer te verdienen met een ander aanbod. Daarvoor moeten zij wel extra geld inleggen.

Boilerroomfraude begint vaak met een telefoontje uit het buitenland met een prachtig voorstel, zo vertelt Lefers. “Het komt ook voor dat slachtoffers op een bericht via social media klikken en hun gegevens achterlaten om meer informatie te krijgen. Het bedrijf stuurt het slachtoffer de ‘Algemene Voorwaarden’ op en vraagt om alvast een klein bedrag in te leggen.”

De agent van het cybercrimeteam Oost-Nederland vervolgt zijn verhaal. “Via een ‘persoonlijk account’ ziet het slachtoffer zijn ‘vermogen’ meer waard worden. Voorzichtig vraagt het bedrijf om meer geld. Maar als het tijd wordt om uit te keren, is het ‘bedrijf’ ineens niet meer bereikbaar en blijkt alles nep te zijn.”

Dit moet je doen als je bent opgelicht

Heb je oprecht interesse om te beleggen? De politie geeft op haar website allerlei tips. Hoge rendementen, een laag instaptarief: als iets te mooi klinkt om waar te zijn, dan is dat vaak ook zo. Daarnaast is het verstandig om de registers van de AFM te raadplegen voordat je gaat beleggen. Als een aanbieder onder toezicht staat, dan vind je dat daar. Tot slot raadt de politie aan om van tevoren met vrienden of familie over beleggingsplannen te praten en via zoekmachines te controleren of er iets bekend is over specifieke beleggingen.

Ben je toch onverhoopt slachtoffer geworden van boilerroomfraude? Neem dan contact op met de Fraudehelpdesk, maak melding bij je bank en doe aangifte bij de politie. Ga niet in zee met zogeheten ‘recoverybedrijven’: zij claimen het geld van slachtoffers terug te krijgen, maar vragen daarvoor wel eerst een borg. Deze bedrijven zijn vaak onderdeel van frauduleuze beleggingsmaatschappijen, die zo nog meer geld proberen af te troggelen van slachtoffers, aldus de politie.

Laat een reactie achter