De politie ondersteunt de oproep van de Cyber Security Raad om meer geld te investeren in cybersecurity en cyberweerbaarheid. Ze maakt zich zorgen om het tempo waarin maatregelen worden doorgevoerd. De capaciteit van de politie en andere betrokken partijen moet zijn worden uitgebreid. Tot slot hamert de politie erop dat de bestrijding van cybercriminaliteit een andere aanpak vereist.
Dat schrijft de politie in een weblog over het onderwerp.
Cyber Security Raad vraagt om investering van 833 miljoen euro
Deze week presenteerde de Cyber Security Raad (CSR) het rapport ‘Integrale aanpak cyberweerbaarheid’. Het rapport is geschreven in opdracht van demissionair minister van Justitie en Veiligheid Ferd Grapperhaus. Hij vroeg of de CSR advies kon geven over de benodigde investeringen in cyberweerbaarheid door een volgend kabinet.
De conclusie van het rapport was niet mals. Volgens de onderzoekers hebben de meeste bedrijven en organisaties in Nederland hun zaakjes op het gebied van informatiebeveiliging niet op orde. Daardoor zijn ze vatbaar voor cyberaanvallen en datalekken. Onze samenleving wordt continu blootgesteld aan digitale dreigingen. Daarom is het zaak dat er snel iets aan gedaan wordt.
De Cyber Security Raad kwam met het voorstel om tussen nu en 2024 een bedrag van 833 miljoen euro neer te leggen om de cyberweerbaarheid van Nederland te vergroten. Dat bedrag moet boven op de huidige budgetten en investeringen komen. Alleen zo kan de overheid ervoor zorgen dat er voldoende gewaakt wordt over onze nationale veiligheid en ons land niet op een achterstand komt te staan.
Politie: ‘Snelle uitbreiding politie is noodzakelijk’
Theo van der Plas, programmadirecteur digitalisering en cybercrime bij de politie, staat volledig achter deze analyse. “Nederland is een van de meest gedigitaliseerde economieën ter wereld, maar de stappen die zijn gezet wat betreft cyberweerbaarheid zijn nog niet overal toereikend. En dat maakt ons land kwetsbaar”, zegt hij. Van der Plas zegt dat hij zich met name zorgen maakt over het tempo waarin er nu maatregelen worden doorgevoerd. Dat moet in zijn ogen ‘echt omhoog’. Hij stelt voor om de capaciteit van de politie, het Openbaar Ministerie, de Koninklijke Marechaussee (KMar) en andere betrokken partijen snel uit te breiden.
Henk Geveke, lid van de korpsleiding en gespecialiseerd in technologie en innovatie, is het met zijn collega eens en pleit voor extra investeringen in een digitaal vaardige politie. “Alleen daarmee worden we blijvend innovatief. De [Cyber Security] Raad signaleert met het advies de belangrijke rol van de politie bij de bestrijding van cybercrime en gedigitaliseerde criminaliteit, en onderstreept daarmee ook dat er meer middelen naar de politie moeten om aan die digitaal vaardige politie een goede invulling te geven.”
‘We moeten meer kijken naar het grote geheel’
Van der Plas zegt dat de politie structureel meer moet gaan inzetten op publiek-private samenwerking. De politie werkt nu al samen met partners als banken en internetproviders. “Traditioneel opsporen alléén is niet meer voldoende”, zegt Van der Plas. “We bedenken samen allerlei interventiestrategieën om cybercriminele fenomenen aan te pakken. En dat is nodig, want alternatieve interventies, zoals preventie en verstoren, in samenwerking met publieke en private partners zijn vaak effectiever dan alleen opsporing en vervolging.”
Tot slot stelt Van der Plas dat de bestrijding van cybercrime een andere aanpak vergt. “We werken binnen de politie landelijk samen bij de aanpak van cybercriminele fenomenen zoals ransomware, phishing, DDOS-aanvallen en Whatsapp-fraude. Daarvoor hebben we met het Team High Tech Crime (THTC) en de cybercrimeteams in alle eenheden een landelijk dekkend stelsel voor de aanpak van cybercrime. Enkele daders maken soms tienduizenden slachtoffers. Daarom moet je veel meer kijken naar het grote geheel. Liefst ook door zaken te automatiseren en te digitaliseren.”
