De Fraudehelpdesk is niet een instantie die slachtoffers van fraude helpt, maar meer een melddesk waar gedupeerden hun verhaal kunnen doorgeven. Het is dan ook lastig om vast te stellen in hoeverre de Fraudehelpdesk de weerbaarheid van burgers en ondernemers heeft vergroot. Er liggen verschillende scenario’s voor de toekomst van de instantie op tafel. Medio 2024 neemt demissionair minister Yeşilgöz-Zegerius een besluit over de toekomst van de Fraudehelpdesk.
Dat staat in het evaluatierapport van Pro Facto, dat is uitgevoerd in opdracht van het Wetenschappelijk Onderzoeks- en Documentatiecentrum (WODC), het kennisinstituut van het ministerie van Justitie en Veiligheid.
Fraudehelpdesk opgericht om fraude aan de voorkant te voorkomen
De Fraudehelpdesk werd in 2010 opgericht om meer inzicht te bieden in de aard en omvang van fraude, fraudeslachtoffers te ondersteunen en bewustzijn te creëren onder burgers en kleine ondernemers. Onderzoekers van Pro Facto onderzochten op welke wijze de Fraudehelpdesk invulling geeft aan deze doelstellingen en hoe dat beoordeeld wordt door melders en samenwerkende partijen.
Het registreren van meldingen, het verstrekken van algemene informatie over verschijningsvormen van fraude en het doorverwijzen van slachtoffers naar de juiste organisaties zijn de kerntaken van de Fraudehelpdesk. Uit het onderzoek van Pro Facto blijkt dat melders in de veronderstelling waren dat de Fraudehelpdesk actie zou ondernemen tegen een fraudeur. De Fraudehelpdesk is echter opgericht om fraude aan de voorkant te voorkomen en niet om de fraude achteraf te bestrijden, zo concluderen de onderzoekers.
“De Fraudehelpdesk beschikt niet over de bevoegdheid om persoonsgegevens van fraudeurs met andere organisaties te delen. Het ‘warm’ doorverwijzen naar andere instanties is daardoor in de meeste gevallen niet mogelijk. Enkele samenwerkende partijen en ondervraagden geven daarom aan dat dit een van de redenen is waarom de Fraudehelpdesk op dit moment meer een ‘meldpunt’ dan een ‘helpdesk’ is”, zo staat er in het onderzoeksrapport.
Onderzoekers: ‘Moeilijk om iets te zeggen over de effectiviteit van de Fraudehelpdesk’
Eén van de conclusies van de onderzoekers is dat de ondersteuning van slachtoffers verbeterd kan worden. Zo kan de Fraudehelpdesk hulp bieden als gedupeerden aangifte doen bij de politie, of slachtoffers helpen bij het invullen van formulieren om de geleden schade te verhalen.
Over de effectiviteit van de dienstverlening kunnen de onderzoekers niets zeggen. Het is volgens hen lastig om vast te stellen in welke mate de Fraudehelpdesk de weerbaarheid van burgers en ondernemers daadwerkelijk heeft vergroot, en in welke mate slachtoffers beter worden ondersteund.
Ministerie denkt na over de toekomst van de Fraudehelpdesk
Voor de toekomstige ontwikkeling van de Fraudehelpdesk zien de onderzoekers verschillende mogelijkheden. Opheffing is geen reële optie: dan ontstaat er een lacune op het gebied van fraudepreventie. De Fraudehelpdesk is de enige organisatie in Nederland die zich op alle vormen van (online) fraude richt. Zodoende heeft de instantie een overkoepelend beeld van trends en ontwikkelingen op het terrein van fraude. Met het oog op preventie vinden ketenpartners deze informatie nuttig.
Een andere optie is dat de Fraudehelpdesk zijn huidige werkwijze voortzet. “Ook kan worden gedacht aan het uitbouwen en verder ontwikkelen van de dienstverlening, bijvoorbeeld door het (praktisch) ondersteunen van slachtoffers en het bij elkaar brengen van informatie van ketenpartners op het gebied van trends en ontwikkelingen”, aldus de onderzoekers. Dat betekent wel dat het ministerie de capaciteit en het budget van de Fraudehelpdesk moet vergroten.
Demissionair minister van Justitie en Veiligheid Dilan Yeşilgöz-Zegerius schrijft in een brief aan de Tweede Kamer dat ze de uitkomsten van het onderzoek gaat bestuderen en in overleg gaat met de Fraudehelpdesk en diverse samenwerkingspartners. Halverwege dit jaar informeert ze de Kamer over de gewenste ontwikkelrichting en wat dat mogelijk betekent voor de capaciteit en middelen die daarvoor nodig zijn.
