Het Openbaar Ministerie vindt dat een 28-jarige verdachte een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van drie jaar verdient. Samen met twee handlangers lichtte hij honderden slachtoffers op via Marktplaats. Naast financiële schade kampen de gedupeerden bovendien ook met psychologische gevolgen. Naast een celstraf eist de officier van justitie dat de verdachten hun slachtoffers financieel compenseren.
Dat blijkt uit de strafeis die het Openbaar Ministerie (OM) vandaag uitsprak tijdens de inhoudelijke behandeling van de zaak.
Verdachten stalen inloggegevens via nagemaakte websites van banken
Volgens het OM is er voldoende bewijsmateriaal dat de drie verdachten samenwerkten om nietsvermoedende mensen op te lichten. Zij deden zich voor als geïnteresseerde kopers op Marktplaats en benaderden verkopers. Zogenaamd om de identiteit van de verkopers te controleren, vroegen de oplichters of zij een foto van hun bankpas konden opsturen en één cent overmaken.
In werkelijkheid werden de verkopers doorgeleid naar een gespoofte website van hun bank. Eenmaal daar vulden zij hun inloggegevens in. Deze gegevens kwamen vervolgens bij de verdachten terecht. Zij gebruikten deze informatie om de bankrekening van hun slachtoffers te plunderen.
Sommige slachtoffers werd verteld dat de zogenaamde koper liever met een zakelijk rekening betaalde. Gedupeerden kregen de opdracht om een QR-code te scannen -die was aangemaakt door de fraudeurs- en de code die hiermee werd gegenereerd te delen via WhatsApp. Zonder er erg in te hebben verstrekten ze zo alle informatie die de verdachten nodig hadden om in te loggen bij de bankrekening van hun slachtoffers.
OM: ‘Plegers uit de anonimiteit halen en stoppen blijft prioriteit’
De drie verdachten -een 26-jarige, een 28-jarige en een 34-jarige man- kwamen in beeld bij de politie toen vier banken melding maakten van de oplichtingspraktijken. De politie speurde vervolgens 733 individuele gevallen op. Agenten bekeken uiteindelijk 197 gevallen en konden er 22 linken aan één of meerdere van de verdachten.
“Het vergt veel recherchewerk om verdachten op te sporen en vervolgens na te gaan bij welke aangiften zij betrokken zijn geweest. Het is te danken aan de vasthoudendheid van het gespecialiseerde Cybercrimeteam van de regio Midden-Nederland dat verdachten konden worden aangehouden, hun criminele activiteiten konden worden gestopt en zij vandaag berecht kunnen worden. Het blijft prioriteit om deze plegers uit de anonimiteit te halen en te stoppen”, zo zei de officier van justitie vandaag tijdens de inhoudelijke behandeling.
Verdachten veroorzaken financiële schade en psychische gevolgen
De verdachten maakten grote sommen geld buit met hun oplichtingspraktijken, variërend van enkele honderden euro’s per persoon tot meer dan 10.000 euro. In de meeste gevallen werden de slachtoffers schadeloos gesteld door hun bank.
Het is echter een vergissing om te denken dat het voor de gedupeerden niets uitmaakt. De bank maakt immers kosten om slachtoffers te compenseren. Deze kosten worden uiteindelijk doorberekend aan klanten. “Deze voorzienbare gevolgen hebben de verdachten er niet van weerhouden om de feiten te plegen. En dat rekent het OM hen aan”, aldus de officier van justitie.
Naast financiële schade hebben de oplichtingspraktijken ook psychische gevolgen, variërend van gevoelens van schaamte tot gevoelens van onveiligheid en wantrouwen jegens anderen. Ook hebben sommige slachtoffers het vertrouwen verloren in online bankieren. “Cliënten weten immers niet meer welke links ze wel kunnen vertrouwen en welke niet”, zo zei de officier van justitie.
OM eist gevangenisstraffen en schadevergoeding
Het Openbaar Ministerie beschouwt de 28-jarige verdachte als hoofdverdachte, omdat hij een aansturende rol richting zijn medeverdachten zou hebben vervuld. Daarnaast is hij al twee keer eerder veroordeeld voor vergelijkbare feiten. Het OM beschouwt hem om die reden als “een beroepsmatige oplichter”. Ze eist daarom een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van drie jaar.
Tegen de 24-jarige verdachte eist het OM een celstraf van twee jaar, waarvan een half jaar voorwaardelijk. Tegen hem loopt nog een andere zaak in hoger beroep. Daarin wordt hij verdacht van witwassen. De 34-jarige verdachte kreeg de laagste straf tegen zich te horen: twintig maanden gevangenisstraf, waarvan acht maanden voorwaardelijk. Hij heeft als enige bekend dat hij zich schuldig heeft gemaakt aan online oplichting en is niet eerder veroordeeld voor vergelijkbare strafbare feiten.
Naast gevangenisstraffen eist het Openbaar Ministerie dat de verdachten een schadevergoeding betalen aan de slachtoffers. Deze zou hoofdelijk moeten worden terugbetaald. Wanneer de rechtbank uitspraak doet, is onbekend.
