De Autoriteit Persoonsgegevens is kritisch over een wetsvoorstel van het kabinet. Hiermee wil de overheid goederen die mogelijk verkregen zijn via criminaliteit afpakken van niet-veroordeelde burgers. Momenteel is onvoldoende onderbouwd wat het doel, de noodzaak en effectiviteit daarvan is. Tevens is het onduidelijk voor welke misdrijven het kabinet denkt deze procedure te willen inzetten.
Dat meldt de toezichthouder in een persverklaring.
Veel gevoelige persoonsgegevens verwerkt
Het wetsvoorstel is een nieuw instrument van het Openbaar Ministerie (OM) in de strijd tegen ondermijnende criminaliteit. Het geeft het OM de middelen om huizen, auto’s, peperdure horloges, merkkleding en andere luxueuze producten te ontnemen. Het enige dat de officier van justitie hiervoor te doen, is aannemelijk maken dat een woning of product waarschijnlijk is gekocht door middel van illegaal verkregen geld. Een civiele procedure is hiervoor niet nodig. Ook hoeft de rechter een verdachte nog niet veroordeeld te hebben.
De Autoriteit Persoonsgegevens is niet te spreken over het wetsvoorstel. Bij de voorgestelde procedure worden veel gevoelige persoonsgegevens verwerkt. De beslissing tot confiscatie verschijnt in de Staatscourant en één of meer landelijke kranten. “Daarmee is de eigenaar of (onschuldige) mede-eigenaar van een ‘fout’ pand waarschijnlijk gemakkelijk te herleiden”, aldus de toezichthouder.
AP noemt wetsvoorstel een ‘paardenmiddel’
Het kabinet zegt dat het wetsvoorstel noodzakelijk is om de ‘georganiseerde, ondermijnende criminaliteit’ aan te pakken. Wat ze daar precies onder verstaat, wordt niet uitgelegd in de conceptwet. Daarin schuilt volgens de AP een groot gevaar.
Het wetsvoorstel is volgens de toezichthouder namelijk zo ruim geformuleerd dat de procedure ook gebruikt kan worden als er geen sprake van georganiseerde criminaliteit. “Het gevaar is dat dit paardenmiddel wordt gebruikt voor gevallen waarin dat niet nodig en passend is. Met het risico op schrijnende situaties voor burgers die niets met criminaliteit te maken hebben.”
AP waarschuwt voor ingrijpende gevolgen
Als het OM huizen of andere goederen in beslag neemt zonder dat er iemand is veroordeeld, heeft dat ingrijpende gevolgen voor de betrokkenen. Niet alleen voor de verdachten, maar ook voor mensen die helemaal niets met het misdrijf te maken hebben. Denk bijvoorbeeld aan de mede-eigenaar van de verdachte die samen een winkelpand of koopwoning bezitten.
“Bij deze civiele procedure hebben verdachten niet dezelfde rechten om zich te verdedigen als in het strafrecht. Ook de positie van een derde die niet wist of kon weten dat het goed uit een misdrijf afkomstig is, is zwak”, zo schrijft de privacywaakhond.
Zo ziet het vervolgtraject eruit
Al met al ziet de Autoriteit Persoonsgegevens niets in het wetsvoorstel zoals het nu op tafel ligt. Nu de toezichthouder zijn mening heeft gegeven, is het aan het kabinet om het advies van de toezichthouder al dan niet over te nemen. Het kabinet kan het wetsvoorstel voorleggen aan instanties als de Raad van State of de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR). Daarna is het aan de Tweede en Eerste Kamer om te oordelen over het voorstel. Als het parlement daarmee instemt, wordt het wetsvoorstel een wet.
